ik weet het niet

ik had mijn oude dagboek laatst weer gevonden. Mijn dagboek waar ik 4 jaar geleden mee begon. Ik ben niet iemand die zich dingen makkelijk kan aanwennen dus ik schreef bijna nooit in dat dagboek. Maar het begon heel kinderlijk wat ik in dat dagboek schreef, met wat ik die dag gedaan had en al dat soort dingen. Op een gegeven moment begon ik ook gevoelens er in te zetten. ik zette onderaan de bladzijde een smiley over hoe ik me voelde die dag. Op een gegeven moment was mijn beste vriendin heel verkeerd bezig, alcohol misbruik, drugs en een beetje de slet uithangen. Dat zat me heel erg dwars. Toen ben ik meer gevoelens gaan opschrijven. In die tijd maakte ik me zorgen over haar en verder niet zo veel andere dingen. Ik werd steeds ouder en begon een echte puber te worden. Ik had een scheithekel aan alles om me heen. Mijn vriendinnen waren in mijn ogen krengen die er op uit waren om iets te doen wat mij onderuit zou trappen. Ik werd heel achterdochtig. Ik begon na te denken waarom mijn vriendinnen iets bij mij zouden willen uithalen. Ik kwam tot de conclusie dat ik waardeloos was. Ik was er van overtuigd dat ze alleen maar met me omgingen omdat ze me zielig vonden of niet wisten hoe ze me moesten vertellen dat ze geen vrienden wilden zijn. Ik begon me steeds meer af te sluiten. Iedereen vind wel dingen niet leuk aan zichzelf. Vaak heeft dat met het uiterlijk te maken. Bij mij begon het ook bij mijn uiterlijk: mijn ogen zijn te groot, ze hebben een vreemde vorm, mijn wenkbrauwen zijn te dik, mijn neus is te klein, mijn tanden staan te scheef, mijn lip heeft een vreemd vouwtje, ik ben te klein, ik ben te dik, ik heb een vreemd figuur en zo ging het maar door. Tot er niks meer was aan te merken op mijn lichaam. Toen was mijn persoonlijkheid aan de beurt: ik ben te verlegen, ik ben stil, ik ben onzichtbaar, niemand mag mij, iedereen haat mij, ik kom niet voor mezelf op, ik ben mislukt. Er kwamen vele meer gevoelens bij kijken maar ik zou niet weten hoe je dat op moet schrijven. Ik was net als alle andere pubers onzeker. Ik zei tegen niemand wat mij nou dwars zat, ik durfde het niet, ik schaamde me ervoor. Er stond zó vaak in mijn dagboek dat ik mezelf haatte, dat ik waardeloos ben, dat ik mislukt ben maar wat er nog het vaakst in staat is: IK WIL DOOD! Nu loop ik nog steeds rond met een doodwens. Maar nu alleen als het me tegen zit. Al geef ik toe, dat ik wel bijna elke dag denk: ik hoop dat die auto me niet ziet als ik over steek. Ik zou het niet erg vinden als ik dood zou gaan. Maar ik zou nooit zelfmoord plegen. Omdat God duidelijk is geweest dat dat niet de bedoeling is. Op een gegeven moment heb ik het wel aan mijn mama verteld dat ik niet meer wou leven. Mama begreep het niet en wou weten waar ik last van heb, waarom ik dood wou, of er ooit iets ernstigs was gebeurd. Ik kon haar geen antwoord geven, ik wist het niet, ik haat mezelf is alles wat ik zeggen kon, Wat haat je aan jezelf vroeg ze, ik wist het niet. Ik moest haar beloven dat ik nooit zelfmoord zou gaan plegen. Op een gegeven moment kon ik wel een beetje duidelijk maken waar ik problemen mee had. Ik was heel druk in mijn hoofd. Heb nooit een moment rust aan mijn hoofd. Daardoor kon ik ook moeilijk contacten leggen. Ik klap dicht als er iemand tegen mij praat. Ik weet niks terug te zeggen dus zeg ik maar niks. Ik zou waarscheinlijk ADD hebben, dat zit toch al in mijn familie. Mama heeft ADHD en papa heeft ADD. Ik mocht ritalin proberen en dat werkte. Maar na verloop van tijd merkte ik er niks meer van. Ik nam het vaak niet op tijd in. Dus ik moest naar een psychiater, we hadden één gesprek gehad en ze kwam tot de conclusie dat ik een sociale fobie zou hebben. Daar klopte dus helemaal niks van, maar dat is moeilijk uit te leggen. Dus geen ADD wat wel vreemd is, omdat als je geen ADD of ADHD hebt, zou je heel opgevokt moeten worden, dat werd ik absoluut niet. Op een gegeven moment begon ze met schema’s te werken die ver onder mijn niveau waren. Toen begon ze mijn vriendinnen af te kraken. Uiteindelijk had ik tegen mama gezegt dat ik er echt niet meer heen wou, ik kwam namelijk steeds dieper in de put te zitten, dat kwam dus door haar ‘vriendelijke’ opmerkingen. Maar wat is mijn probleem nou? Ik ben in een normaal gezin opgevoed, veel liefde gekregen, ben nooit gepest, mijn ouders zijn wel geschijden, 2 oma’s zijn overleden en mijn opa ook. En ik ben dyslectisch. Maar daar zou ik toch geen doodwens van moeten krijgen. Ik denk dat het een gedeelte in mijn persoonlijkheid licht en dat het natuurlijk ook door de puberteit komt. dit was mijn verhaal

van: puber (16)