

Verlatingsangst komt voor bij jonge kinderen, iedereen kent dat, een kind dat zich vastklampt aan zijn vader of moeder.
Maar verlatingsangst komt ook voor bij jong volwassenen, maar kan ook volwassenen teisteren. Bij verlatingsangst merk je een overdreven angst gescheiden te worden van huis of van iemand aan wie de ander sterk gehecht is.
De ander is onder andere overdreven bezorgd over het verlies van deze persoon, maakt zich grote zorgen als hij of zij weg moet, heeft een overdreven vrees alleen te zijn of steeds maar weer nachtmerries over het thema ‘scheiding’.
Angst dat iemand je gaat verlaten is heel normaal, de gedachte dat je vriend of vriendin je verlaat komt in elke relatie voor. Dat hoort bij een gezonde relatie, al heeft de één het sterker dan de ander. Ook het verliezen van een vriend of vriendin komt vaak voor, bijvoorbeeld doordat je van school verandert, er iemand verhuist of er andere vriendschappen ontstaan. Omdat je je hecht aan een ander is er ook de vrees dat iemand je vroeg of laat verlaat.
Als je de angst dat iemand je verlaat niet meer van je af kan zetten, daar niet meer de controle over hebt. Als het er voor zorgt dat je alleen nog maar met de ander bezig bent, bijvoorbeeld door de ander voortdurend te controleren. Dan kan het zijn dat je last hebt van verlatingsangst.
Het is dan goed om dat te bespreken met de ander. Soms is dat voor de ander al duidelijk, heb je er bijvoorbeeld al vaker ruzie over gehad. Vaak is het ook zo dat de ander het helemaal niet in de gaten heeft. Het kan ook heel eenzaam voelen als jij heel erg met een ander bezig bent en niet het idee hebt dat de ander hetzelfde doet naar jou. Het kan al heel erg helpen als je het met de ander bespreekt.